Mobiliteit en wat je als medewerker nodig hebt om in beweging te komen

Loopbaanregisseur Ralph Kolen blogt over mobiliteit. Deze keer: wat heb je als medewerker nodig om mobiel te worden? Ralph geeft tips over intrinsieke motivatie, in jezelf geloven, je talenten benutten en keuzes maken.

Door: Ralph Kolen

Wil je mobiliteit bevorderen, dan spelen zowel de organisatie als de medewerker een belangrijke rol. Loopbaanregisseur Ralph Kolen schreef al eerder over hoe een manager mobiliteit binnen een organisatie stimuleert. Deze keer: hoe kom je als medewerker in beweging?

Onderzoek als medewerker je verlangen

Wil je mobieler worden op de arbeidsmarkt, dan moet je intrinsiek gemotiveerd zijn. Vraag jezelf af waar je naartoe wilt. Volg je verlangen en begin klein. Denk niet: alles moet anders, ik ga naar het buitenland om daar op een wijnboerderij te werken. Vraag jezelf af welke onderdelen van die ‘droom’ jou aanspreken. Is het de vrijheid om eigen keuzes te kunnen maken? Is het de werk-privébalans? Of is het omdat je liever dicht bij huis werkt?

Filter de essentie en maak de elementen concreet: hoe ziet jouw ideale werkdag er eigenlijk uit? Deel dit beeld met anderen. Dat hoeft niet direct met je leidinggevende, maar kan ook met je vrienden of partner. Zo kan de droom zich ontwikkelen, zonder dat je meteen een keuze maakt. En spreek je je ideeën uit, dan gaan mensen vragen stellen: erg nuttig. Onderzoek de mogelijkheden: hoe kun je je boterham er mee verdienen?

Neem af en toe echt de tijd voor jezelf. Gun het jezelf om even de benen op tafel te leggen en stel jezelf de vraag: hoe gaat het met me? Hoe komt het dat ik de laatste tijd zo moe ben? Of: hoe komt het dat ik zo veel energie heb?

Deel je idee over mobiliteit niet te vroeg in de organisatie

Je hoeft de organisatie niet mee te nemen in je onderzoek. Bouw eerst aan je eigen, intrinsieke motivatie. Deel je het te vroeg en werkt de organisatie niet mee, dan loop je het risico dat het idee op de plank blijft liggen. Haal daarom eerst de zekerheid uit jezelf. Dan zul je eerder denken: is het niet hier, dan is er vast wel een andere plek waar ik mijn talenten in mag zetten.

Praat met mensen die de dingen doen die jij ook graag wilt doen. Zo word je enthousiast. En geloof in jezelf. Als jij in je idee gelooft, dan gaan anderen er ook in geloven. Een bekende, Zweedse filosoof zei ooit heel verstandig: “Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het kan.” (red. Pippi Langkous)

Maak de keuze

Je weet inmiddels wat de investering is, in tijd en in geld, en je weet wat het je gaat opleveren. Nu kun je je idee misschien in de organisatie delen. Omdat je intrinsieke motivatie inmiddels zo sterk is, ben je niet afhankelijk van je werkgever om je droom waar te gaan maken. Het is natuurlijk wel mooi meegenomen als de organisatie iets betekent in het faciliteren van jouw mobiliteit. Maar zet sowieso die stap!

Duurzame mobiliteit

Zet de stap gewoon eens. Zo leer je beter hoe je met een nieuwe droom aan de slag gaat. Ik weet ook nog steeds niet wat ik later wil worden, maar wat ik nu doe, past bij me. Over vijf jaar is het misschien weer iets anders. Je blijft je ontwikkelen en leert jezelf steeds op andere manieren kennen.

Mobiliteit is geen must. Zit je op je plek? Blijf dan gewoon lekker zitten. Als je voelt dat je toe bent aan iets nieuws of als dingen gaan schuren, denk dan na en praat alvast met mensen. Wacht niet tot je ziek wordt of uitvalt.

Start als medewerker met denken vanuit je ‘rol’

Als jij je carrière begon als beleidsmedewerker, dan blijf je dat, toch? Mis. Vaak denken mensen dat een werkgever op zoek is naar iemand die eenzelfde soort functie bekleedde. Maar veel kennis en vaardigheden zijn eigen te maken. Een talent heb je of niet. Focus dus niet op ‘functiedenken’ en achterhaal in plaats daarvan jouw toegevoegde waarde.

De kwaliteiten die je als vrijwilliger gebruikt, kun je misschien ook inzetten op je werk.

Stap over op het ‘roldenken’: wat is mijn rol, waar liggen mijn talenten? En waar zet ik die nu in: op het werk, thuis of op de sportvereniging? Stel je vrienden en collega’s de vraag: waar ben ik goed in en waar bel je mij voor? Je weet dan voor welk probleem jij de oplossing bent en krijgt zicht op je onzichtbare talenten. Deze zet je vaak in, maar vind je zo vanzelfsprekend dat je ze niet meer ziet. Durf te staan voor wat je kunt bieden.

Nog meer tips om je eigen mobiliteit als medewerker te stimuleren:

    • Houd je ogen en oren open voor trends in de organisatie: dit heeft invloed op jouw werk of op nieuwe kansen
    • Spreek je wensen uit en geef aan wat je nodig hebt om te komen waar je wilt zijn
    • Probeer mobiel te zijn binnen je huidige functie of organisatie en besteed meer aandacht aan iets waar jij energie uithaalt.

Ben je ook toe aan meer ‘beweging’? Misschien is het mobiliteitsdienstverband van ABGL wel iets voor jou.